Wat houdt de behandeling in?

 

De ingrepen om de hiervoor geschetste problemen te corrigeren, d.w.z. hetzij te grote borsten, hetzij het doorhangen van de borsten, noemen we borstreductie (of borstverkleining) en borstlifting (of mastopexie). Beide operaties verlopen ongeveer volgens hetzelfde principe: enerzijds wordt de vorm van de borst gecorrigeerd en wordt de tepel opnieuw in een jeugdige of hogere positie geplaatst, anderzijds wordt (hoofdzakelijk bij een borstverkleining) een hoeveelheid borstweefsel weggenomen. Dat kan uiteraard niet zonder het insnijden van de huid.

 

De consultatie

Tijdens de consultatie zal de dokter met jou bespreken wat je voornaamste klachten zijn en wat voor jou de best geschikte behandeling is. Verder wordt alle informatie omtrent deze ingreep verschaft. De voor- en nadelen, de insnedes, littekens en mogelijke verwikkelingen worden besproken. Uiteraard krijg je ook de mogelijkheid om al jouw vragen te stellen.

 

De techniek  

Er bestaan verschillende technieken voor een borstreductie of een borstlift. Naargelang van het type borst dat je hebt, zal een bepaalde techniek beter geschikt zijn dan een andere. Jouw chirurg zal dat vooraf uitgebreid met jou bespreken.

 

De plastisch chirurgen van het Coupure Centrum gebruiken voor borstreductie de techniek van de Canadese chirurge Elisabeth Hall-Finley. Voor de correctie van een doorgezakte borst (ptose) gebruikt men de techniek van de Braziliaansse plastisch chirurge Ruth Graf. Soms worden combinaties van beide technieken gebruikt met uitstekende resultaten en weinig verwikkelingen. 

 

 
figuur 1
figuur 2
figuur 3

 

Om de tepel naar boven te verplaatsen is een littekentje rond de tepelhof onvermijdelijk. In enkele gevallen volstaat deze ingreep om het gewenste resultaat te bekomen (figuur 1). Meestal echter moet ook een hoeveelheid huid weggenomen worden aan de onderplooi van de borst. Daardoor ontstaat een litteken dat loopt van de tepelhof naar de onderkant van de borst (figuur 2). Al naargelang van de hoeveelheid huid die moet worden weggenomen, komt hier meestal een horizontaal litteken bij, dat in de plooi onderaan de borst loopt (figuur 3) en dus meestal goed verborgen blijft.

 

Het is de taak van de plastisch chirurg om de littekens zo te plaatsen dat ze zo weinig mogelijk opvallen. Bovendien hebben al de genoemde littekens de eigenschap om na verloop van tijd te verbleken en de huidskleur aan te nemen. Daardoor zijn ze na enige tijd alleen nog van heel dichtbij waar te nemen zijn.

 

Doordat de tepel verplaatst moet worden, kunnen een aantal kleine zenuwen die ernaartoe lopen onderbroken raken. De tepelgevoeligheid na een borstverkleining- of lifting kan dan ook verminderd zijn ten opzichte van vóór de operatie.

 

Afhankelijk van de gebruikte techniek kan ook borstvoeding on­mogelijk worden na een borstreductie, als gevolg van het door­halen van de melkkanaaltjes. Sommige technieken laten echter wel nog borstvoeding toe. Bespreek dit in elk geval met je chirurg.

 

Voor het overige hebben noch een borstlifting noch een borstreductie enig nadelig gevolg voor de verdere gezondheid van de borst.

 

Voor de ingreep

Soms moeten vooraf bepaalde voorbereidende onderzoeken uitgevoerd worden: bloedonderzoek, elektrocardiogram, röntgenopname van de longen, ... Jouw chirurg zal bepalen of en welke onderzoeken nodig zijn. In elk geval zal een beperkt bloedonderzoek worden gepland, dat je naar keuze kan laten uitvoeren in het laboratorium van de kliniek of bij jouw huisarts.

 

Als je ouder bent dan veertig jaar, zal ook een mammografie, een radiologisch onderzoek van het borstklierweefsel, moeten worden uitgevoerd, om de mogelijke aanwezigheid van gezwellen uit te sluiten. Als je jonger bent dan dertig jaar of als u recent een mammografie hebt ondergaan, is dat onderzoek niet nodig. Tot slot worden in het Coupure Centrum ook foto's genomen, die later zullen worden vergeleken met de foto's van na de operatie.

 

Vanaf drie dagen voor de ingreep was je elke dag het boven­lichaam met een ontsmettende zeep die door jouw arts wordt voorgeschreven en die het risico op wondbesmetting tot een minimum zal beperken.

 

>>Lees ook 'Belangrijke tips vooraf'. 

 

De ingreep

Als de ingreep onder algemene verdoving verloopt, moet je je nuchter aanmelden. Dat betekent dat je vanaf middernacht niet meer mag eten of drinken, behalve wat nodig is voor het innemen van eventuele medicatie.

 

Zodra je je aanmeldt in het operatiecentrum, wordt je naar de kamer gebracht die voor jou werd gereserveerd. Daar wacht je tot je aan de beurt bent voor de operatie.

Vóór de operatie maak je kennis met jouw anesthesist, de dokter die je onder verdoving brengt en je gedurende de hele operatie begeleidt. Als zich bij vorige verdovingen iets abnormaals zou hebben voorgedaan, dan meld je dat best aan hem of haar.

 

Ook de plastisch chirurg komt bij jou langs, om ter hoogte van de borst een aantal aantekeningen te maken. Je kan bij hem terecht met jouw eventuele laatste vragen over de operatie. Net voor de ingreep krijg je een middel toegediend om de operatie rustig tegemoet te kunnen gaan. Vervolgens word je naar de operatiezaal gevoerd en in slaap gebracht voor de ingreep.

 

figuur 4

De operatie duurt gemiddeld anderhalf uur. Afhankelijk van de complexiteit en individuele details kan dat wat langer of korter zijn. Tijdens de ingreep worden de tepel en de tepelhof vrijgemaakt en verplaatst naar de gewenste positie.

 

Bij een borstverkleining zal een hoeveelheid borstweefsel en huid weggenomen worden aan de onderkant van de borst (figuur 4). Tijdens de ingreep wordt de patiënte in rechtopzittende houding gebracht om de tepel zo ideaal mogelijk te positioneren en de borsten zo symmetrisch mogelijk te vormen.

 

De ingreep wordt afgesloten met het plaatsen van een tweetal fijne plastic buisjes (drains) in de wonde, om eventuele nabloedingen en overtollig wondvocht af te leiden naar de vacuüm flesjes die op de buisjes aangesloten zijn. De wonden worden zorgvuldig gedicht met inwendig verschillende oplosbare hechtingen en uitwendig huidlijm. Enkel de knoopjes van de huiddraad zijn zichtbaar en worden na een tweetal weken verwijderd.

 

Op de wondnaden komt een waterdicht plastic wondverband en dan komt de borst in een stevige steunbh (die je krijgt in het centrum).

 

Na de ingreep

Onmiddellijk na de ingreep word je naar de ontwaakkamer gebracht. Daar blijf je in de regel ongeveer even lang als de duur van de operatie. Als je voldoende ontwaakt bent, word je door de anesthesist ontslagen en mag je naar jouw eigen kamer terugkeren.

 

Een borstverkleining of borstlift is geen pijnlijke ingreep. De eerste uren krijgt je nog pijnstillers toegediend via het infuus. Zodra dat verwijderd wordt, volstaat een paracetamolpreparaat (Dafalgan®, Perdolan Mono®, Dafalgan Codeïne®, Sanicopyrine®).

  

De dag na de ingreep beoordeelt de chirurg of de buisjes verwijderd mogen worden. Is dat het geval, dan mag je in de voormiddag naar huis. Vanaf de eerste dag na de ingreep is douchen toegestaan.

 

Een week na de ingreep komt je op controle in het Coupure Centrum. De verpleegster zal het kleefverband verwijderen en jouw chirurg zal de wonde controleren. Doorgaans zal de huid van jouw borsten op bepaalde plaatsen blauwpaars verkleurd zijn, als gevolg van de bloeduitstortingen die door de ingreep ontstaan. Die kleur zal in de weken na de ingreep echter geleidelijk aan vervagen. Als de wondgenezing goed verloopt, moet je na dit eerste controle­bezoek geen verband meer dragen. De knoopjes van de (oplosbare) huiddraden worden de tweede week verwijderd.

 

Op korte termijn

Voor de periode na de operatie schaf je je in een gespecialiseerde lingeriezaak een tweede ondersteunende, elastische sportbeha aan (zonder beugel). Deze wordt gedragen tijdens de wasbeurt van de eerste bh en dit gedurende een drietal weken dag en nacht, om je borsten maximaal te ondersteunen. 

 

De eerste maand zullen jouw borsten vast en hard aanvoelen, geleidelijk aan worden ze weer soepeler. Bij het type ingreep waarbij alleen een verticaal litteken aanwezig is van de tepelhof naar onderen toe, kan het zijn dat de huid in het begin nog wat gerimpeld is. Ook die rimpeling verdwijnt in de eerste zes weken.

 

Na twee maanden is de borst mooi soepel geworden en kom je een tweede keer op controle. De chirurg zal jouw borsten onderzoeken en foto's maken die vergeleken kunnen worden met de foto's van voor de operatie.

 

Op langere termijn

Het herstel van de gevoeligheid van tepel en tepelhof duurt ongeveer zes maanden

 

Voor de volledige genezing van de littekens rekenen we zes tot twaalf maanden. De eerste maanden na de ingreep voelen ze rood en hard aan, maar dat verschijnsel verdwijnt geleidelijk. Dat gebeurt onder meer dankzij het aanbrengen van 'Micropore breed' kleefpleisters op de littekens zodra het eerste kleefverband verwijderd is. Daarmee wordt het weefsel rond het litteken ondersteund, terwijl het litteken zelf sneller 'uitrijpt', m.a.w. vlugger bleek en soepel wordt.

 

Het verdient aanbeveling om een jaar na de ingreep opnieuw een mammografie te laten uitvoeren, zodat de resultaten daarvan ge­bruikt kunnen worden om latere mammografieën mee te ­vergelijken.

 

Foto's voor & na

 

Terug naar 'Borstreductie'.